Pokerhanden (combinaties bij het pokeren)
Royal flush: Vijf opeenvolgende kaarten van dezelfde soort (dus alleen harten of schoppen ofzo) met de A als de hoogste kaart. Bijvoorbeeld A, heer, vrouw, boer, tien.
Straight flush: Vijf opeen volgende kaarten van dezelfde soort. Bijvoorbeeld ruiten vrouw, boer, tien, negen, acht.
Four of a kind: Ook wel carre of quads genoemd. Vier kaarten met dezelfde waarde. Bijvoorbeeld harten vijf, ruiten vijf, schoppen vijf, klaveren vijf en harten negen.
Full house: Drie kaarten van dezelfde waarde gecombineerd met twee kaarten van een andere dezelfde waarde. Bijvoorbeeld schoppen acht, klaver acht en harten acht en daarbij schoppen negen en klaveren negen.
Flush: Vijf willekeurige kaarten van dezelfde soort. Bijvoorbeeld harten acht, harten tien, harten heer, harten A en harten boer.
Straight: Straat. Vijf in waarden oplopende kaarten van een willekeurige soort. Bijvoorbeeld harten acht, harten negen, harten tien, harten heer en harten vrouw.
Three of a kind: Ook wel trips of set. Drie kaarten van dezeflde waarde. Bijvoorbeeld klaver zeven, harten zeven, schoppen zeven en ruiten heer en schoppen vijf.
Two pairs: Twee paar. Twee kaarten van gelijke waarde, gecombineerd met een paar kaarten van een andere gelijke waarde. Bijvoorbeeld harten A, schoppen A, klaveren acht, ruiten acht en ruiten vrouw.
One pair: Een paar. Twee kaarten van dezelfde waarde. Bijvoorbeeld harten negen, ruiten negen, schoppen A, klaveren vier en ruiten vrouw.
High card: Ook wel bekend als No pair of hoog. De hoogste kaart telt, waarbij de twee als laagste en aas als hoogste kaart geldt.